IJssellandschap in Wind en Zon

Niet in de delta maar boven de delta

Deze “energie” visie is geschreven vanuit onze positie als landerijenbeheerder in de wijde omgeving van Deventer. Wij voelen het als onze verantwoordelijkheid om mee te denken en mee te werken aan het akkoord van Parijs en de nationale opgave om de uitstoot van koolstofdioxide te beperken en af te stappen van fossiele brandstoffen. Tegelijkertijd ervaren we de energietransitie als een enorme opgave met majeure effecten op onze omgeving die vele malen groter is dan onze scope.
Onze basis opinie is dan ook dat de energie opgave in de eerste plaats een zaak van de Rijksoverheid en vervolgens van de provinciale overheden is.
Die energie-opgave heeft een importantie vergelijkbaar met andere grote nationale opgaven die een kabinet-brede aanpak vergen, zoals het Delta programma of een nationaal project als “Ruimte voor de Rivier”. Kortom in ons democratisch bestel hoort de Rijksoverheid hierin het voortouw te nemen, i.p.v. de opgave op te knippen en te decentraliseren tot gemeentelijk niveau. Niet in de delta, maar boven de delta.

Desondanks bevinden we ons in het opgelegde pandoer van de decentralisatie en nemen we onze verantwoordelijkheid vanuit ons beheer en ons gebied.

Zie voor de volledige beleidsnotitie2021: IJssellandschap in Wind en Zon

 

De Samenvatting:

“IJssellandschap in wind en zon” is de titel van de beleidsnotitie waarin IJssellandschap haar standpunten ten aanzien van de concrete energiediscussie uiteen zet en intern en extern bespreekbaar stelt.

IJssellandschap volgt de doelen uit het Akkoord van Parijs en de door het Rijk geformuleerde opgaven voor 2030 en 2050. Dit past geheel in de filosofie van haar eigen Visie LAND GOED

Aangezien IJssellandschap staat voor een aantrekkelijk en divers landschap en de functies die daar grondgebonden bij horen als landbouw, bosbouw, natuur en andere daaraan verwante functies, is zij zich als geen ander bewust van de noodzaak om duurzaam om te gaan met bodem, water, lucht en het natuurlijke evenwicht tussen het gebruik en tussen de functies.

Dit geeft een eigenstandige verantwoordelijkheid t.a.v. de uitvoering van de internationale en nationale doelen t.a.v. de beperking van de uitstoot van koolstofdioxide, beperking van energievraag en vervanging van energiebronnen.

Bovenstaande laat onverlet dat we het ontbreken van overkoepelende regie vanuit rijk en / of provincie enorm missen en het gezien het majeure vraagstuk t.a.v. de noodzakelijke alternatieve opwek en de effecten in de ruimtelijke kwaliteit onverantwoord vinden. Het energievraagstuk vraagt een (inter)nationale Delta-achtige aanpak.

De lijn in deze notitie is:

Plan A: eigenstandige verantwoordelijkheid:

– zoveel mogelijk opslaan van koolstofdioxide de vorm van organische koolstof ketens in bossen en bodems met hoog organisch stof gehalte;
– beperking van CO2 uitstoot door goede isolatie van panden en doelmatig gebruik van voertuigen en machines;
– zonnepanelen op daken en andere kleinschalige opwekking vanuit alternatieve hernieuwbare energiebronnen genieten de voorkeur.

Plan B: visie t.a.v. grootschalige opwek:

– Sterke voorkeur voor hoge efficiënte windturbines, gekoppeld aan de snelwegen als A1 en N35; indien los daarvan geplaatst in clusters van minimaal 7 turbines; niet los en verspreid, niet in een lijn langs de IJssel;
– Slechts kleinere zonneparken die goed ingepast kunnen worden in het landschap en ecologische meerwaarde creëren;
– Strikte voorwaarden aan de oprichting van (kleinere) zonneparken en windturbines in de zin dat:
o De landschappelijke, milieutechnische en duurzaamheidseisen gedurende het hele traject van 25 jaar zijn gewaarborgd en de installaties zo goed mogelijk zijn ingepast; dit is inbegrepen opruimen en tijd die de ondergrond nodig heeft om weer te “herstellen”;
o De projecten een gezond businessplan laten zien;
o Lasten en lusten eerlijk verdeeld worden en co-investering mogelijk is;
o De installaties financiële meerwaarde opleveren in de vorm van fondsen die ingezet worden voor maatschappelijke doelen van IJssellandschap en partners;
o Grote mate van zorgvuldigheid in besluitvorming in acht is genomen rond het proces van initiatief tot definitief besluit om de gemeenschappen bij elkaar te houden en acceptatie zo hoog mogelijk te maken.

 

IJssellandschap, 15 februari 2021